skip to Main Content

Sierlijke golven krullen van plezier

Geselecteerde gedichten in alfabetische volgorde uit “Sierlijke golven krullen van plezier” (soms in een enigszins herziene vorm)

Het was 1789.
In vodden gekleed sloop de Revolutie rond in sloppenwijken..

Gevolgd door vermomde
agenten mompelde hij binnensmonds:

“De geest van Louis Quatorze
zal ik vermorzelen”.

Het volk morde, bromde en bestormde de Bastille.
En zilveren maan werd glinsterende guillotine.

Op een driemaster met drie masten Liberté, Egalité en Fraternité
stak de Revolutie de oceaan over, verbrijzelde ijzeren slavenkettingen op Haïti,

Reisde met volle zeilen richting Curaçao,
met Tula als kapitein, Karpata als stuurman.

Maar het schip leed schipbreuk
gleed naar de bodem van de zee.

Daar bleef het liggen
tot het op een dag naar boven steeg,

majestueus de haven van Willemstad binnenschreed
en met gouden letters schreef:

“1 juli 1863. De slavernij is voorbij.
“Liberté, Egalité et Fraternité” heeft ook hier gezegevierd

tot het op 1 juli 1863 naar boven steeg,
statig de haven van Willemstad binnen schreed
en met gouden letters schreef:

“De slavernij is voorbij.
Ook hier heeft de Revolutie
gezegevierd”.

Walter Palm Copyright 2020

In uw muziek betovergrootvader
hoor ik,

zowel verschroeiende hitte bij naderende orkaan
als verkoelende streling van de passaat,

zowel bloeiende flamboyant
als aan droogte geboeide savanne,

zowel woeste beukende golven van de Noordkant
als zoete neuriën van branding aan Zuidkust.

In uw muziek mijn geliefde betovergrootvader
hoor ik zoet en zout,
hoor ik Curaçao.

Walter Palm Copyright 2020

Helse, flikkerende vlammen

likken met hun vurige tongen
aan wolken en longen.

Roet bedekt alles
in rouw,

kleurt zwart
mijn gemoed.

Zwavelgeur knijpt
dicht de keel.

Het ruikt naar hel,
het stinkt naar geld.

Walter Palm Copyright 2020

Ik bewonder rotsen,
omdat ze

hun hardheid niet verschuilen
achter huichelachtige praatjes,

onbesmuikt huilen,
als ze onbeschut trotseren
onbeschofte tropische stortbuien,

niet wegrollen,
niet huiveren, niet wegduiken,
voor de duivelse tropische zon.

En bovenal bewonder ik rotsen,
door zon geblaakte rotsen,
omdat ze niet buigen voor de passaat
zoals anderen zonder ruggengraat.

Walter Palm Copyright 2020

Op een zucht van de wind
rinkelt een gerucht
in de kristallen kroonluchter.

Een duivels gerucht over vergruisde
illusies verduistert de fonkelende kroonluchter.

Huiveringwekkend gefluister over sluimerend
verdriet druipt van druilerige struiken.

Een rafelig en akelig geroezemoes blijft haken
aan de giftige Franse Bloem. Zoemt rond een ijskoud gerucht
in het bloedhete gehucht:

“Heb je het gehoord?
De dood heeft hun kind gestolen.
Gestolen hun kind door de dood.
Het zal je maar overkomen”

Walter Palm Copyright 2020

Na elke nacht verschijnt
vanachter steile berg de ijdeltuit.

IJdeltuit spreidt parmantig zijn vurige, gouden veren over aderblauwe zee
splijt wolken, slijpt hemel tot een diepblauw juweel,

denkt dat hij heer en meester is…
Maar wij, tropenbewoners, weten wel beter.

Ook hij de ijdeltuit,
zal bloeden aan de vlijmscherpe horizon.

Walter Palm Copyright 2020

Bevrijd van mijn lichaam
van deze loden molensteen
waar het bestaan om draait.

Eindelijk verlost van deze vernietigende
stampede van stampende, woeste, wilde dieren
die zich mensen noemen

Walter Palm Copyright 2020

Reeds bij ochtendgloren heeft tropenzon
mij ontnomen al mijn zoete dromen van koelte.

IJdele tropenzon spiegelde zich in zonnecollectoren,
waande zich een Zonnekoning, een Louis Quatorze.

Maar als listige Nanzi heb ik aangesloten
mijn airco op zonnecollectoren.

Terwijl de aarde gloeit, de Zonnekoning loeit en als het Boze Oog
iedereen vervloekt met zijn hitte, zit ik koeltjes te genieten.

Walter Palm Copyright 2020

Als een grote zwarte roofvogel
hangt onweer boven de stad.

Bliksemflitsen
haar spitse nagels.

Windvlagen
haar opgewonden ademhaling.

Stortregens
de trouwe metgezel

van deze dreigende roofvogel
die onweer heet.

Walter Palm Copyright 2020

Over kale vlakte van mijn hart
draven twee paarden.

Twee op hol geslagen paarden,
een witte en een zwarte, razen
over kale vlakte van mijn hart.

Is het witte paard
de ontembare Liefde,
genaamd Eros

en is het zwarte paard
de onbeheersbare Dood,
genaamd Thanatos?

Walter Palm Copyright 2020

Geesten van slaven
dwalen over droge plantage.

Klapperende ramen
verhalen haperend en stotterend
over knallende zweepslagen.

Op lome passaat
wiegen takken zwaar beladen
van nare herinneringen.

Takken gebogen
onder loden last
van zwerend verleden.

Over droge plantage
dolen geesten van slaven

Walter Palm Copyright 2020

Trillende hitte schreeuwt
schril van daken.

Woorden verbranden
in sidderende warmte,

smelten in verzengende hitte.
In stilte
slikken wij snikkende hitte.

Wij zwijgen
en rijgen stilte aaneen,
een rozenkrans van stilte

Walter Palm Copyright 2020

Tussen de dood en de dood
bloeit en bloedt het leven,

zijn er labyrinten en openingen,
zijn er overwinningen en nederlagen,

zijn er adembenemende toppen
en verstikkende dalen,

zijn er gouden dagen en dagen
dat het niet meer hoeft,

zijn er dagen die smaken
naar meer, en dagen dat ik naar adem snak,

zijn er honingzoete dagen
en dagen bitter als azijn.

Tussen de dood en de dood
zweeft de vraag hoe het volgend leven zal zijn.

Zullen er meer overwinningen dan nederlagen zijn
of zullen de nederlagen overwinnen?

Walter Palm Copyright 2020

Het was vijf uur ‘s middags
op een dag als vandaag.

Als de zakkende zon
verzwakte mijn pols.

Boeboe naderde
in een hagelwit pak.

Even, even heel even
schitterden zijn gouden tanden
in het stervend middaglicht.

Even, heel even,
dacht ik nog één keer
aan allen die mij dierbaar waren.

Toen ging ik de hoek om
was ik voorgoed weg
was het leven voorbij.

Het was vijf uur ‘s middags
op een dag als vandaag.

Walter Palm Copyright 2020

Als bloemen die bloeien
in de tropen na de droge tijd
zijn ze er elk jaar weer
de krokussen in het voorjaar
op het Voorhout.

Ze wuiven winter vaarwel,
verwelkomen lente
wiegen zacht op lentebries
knipogen naar lentezon
beloven zonovergoten zomer.

Walter Palm Copyright 2020

Bij de evenaar
geen speelse winterzon
die steels glimlacht
door een spleet tussen de wolken.

Bij de evenaar
geen winterzon
die kiekeboe speelt
in een boerka van wolken.

Bij de evenaar
een boerse tropenzon
die onvermoeibaar
de hemel ploegt.

Pats boem! Hier ben ik in al mijn boersheid

Walter Palm Copyright 2020

Toen ik geboren werd
krulden sierlijke golven van plezier.

Trieste golven krommen van verdriet
op de dag dat ik zal sterven.

Walter Palm Copyright 2020

Back To Top