Het was
vijf uur ’s middags
op een dag als vandaag.
Het was
vijf uur ’s middags
op een middag als vandaag.
Net als
ik lag de weg lag er eenzaam
en verlaten bij.
In de
bocht
zag ik plotseling
Boeboe in een hagelwit pak.
En
even, heel even
schitterden zijn gouden tanden
in het stervend licht.
Even,
heel even
dacht ik aan mijn leven
dat achter mij lag
en aan
allen
die mij dierbaar waren
en toen ging ik de hoek om.
Het
leven voorbij
om vijf uur ’s middags.
Het was
vijf uur ’s middags
op een dag als vandaag.
Het was
vijf uur ’s middags
op een middag als vandaag.