Juli 1971: Op
twintigjarige leeftijd debuut als dichter met twee gedichten
(“Little tin soldiers” en
“A long, long conversation”) in
het literaire tijdschrift “Watapana” (3de jaargang, nr. 4,
pag. 6).
21 april 1978: Publicatie eerste gedichtenbundel
“Winds of Words” (Engelstalig; Drukkerij Montero op Curaçao).
Gerecenseerd door Enrique Muller onder de kop “Gezonde
levensaanvaarding” in “Amigoe”, 2.VI.1978, pag. 9.
24 maart 1980: Publicatie tweede gedichtenbundel “Genesis en
Apocalypse” (Nederlandstalig met illustraties van Chal
Corsen; Drukkerij Montero op Curaçao). Gerecenseerd door
Jules Marchena onder de kop “Schitterende poging tot
zelfbehoud” in “Amigoe/Ñapa” van 16.V.1980, pag. 2.
11 juni
1983: Publicatie derde gedichtenbundel
“Un boka di poesia”
(Papiamentstalig; uitgegeven bij “Editoryal Antiyano” op
Curaçao). Gerecenseerd door Carel de Haseth onder de kop:
“Martinus en Palm: nieuwe uitgaven van Editorial Antiyano”in
“Amigoe/Ñapa” van 24.VI.1983, p.2.
1985: Het gedicht “Apocalypse” (uit de bundel “Genesis en
Apocalypse”) wordt opgenomen in “Thuis een vreemdeling”, een
thematische bloemlezing over vervreemding en onthechting,
bijeengebracht door Ton Luiting en Albert Middendorp,
Hilversum/Brussel 1985, Kofschip-kring, ISBN 90-6406-076-2.
December 1986: Publicatie van het essay “Historisch
overzicht van de Antilliaans/Arubaanse literatuur” in
“Plataforma” (3de jaargang, nr. 4, pag. 8-13).
Oktober 1987: Publicatie van het gedicht
“Otrobanda” (uit de
bundel “Un boka di poesia”) in “Independiente” (3de
jaargang, nr. 7, pag. 37).
| |
Juli-Augustus 1990: Publicatie van vier nieuwe gedichten
(“Hedendaags Columbus”, “Wenen via Cairo en Port Lligat”,
“In de hitte van de koorts”, “Hier en daar”) in “De
Gids”
(153e jaargang,
nr. 7/8, pag. 580-582). |
|
 |
|
18 december 1990: Publicatie vierde gedichtenbundel
“Palmblad. Een kleine Curaçaose cyclus” (Aldus Uitgevers in
Den Bosch). Gerecenseerd door Carel de Haseth onder de kop:
“Poëzie als delicatesse” in “Amigoe/Ñapa” van 23.II.1991,
p.5.
Juli 1991: Publicatie van het essay “Antilliaanse
literatuur. Een historisch overzicht” in “Damsko” (1ste
jaargang, nr. 2, pag. 18-20).
1991: Publicatie van twee gedichten “Ontsnap uit het
labyrint” en “Een man in de bank” (in “Onderwijs in de
steigers” onder redactie van Aart G. Broek en Christa M.
Roose-Weyer, pag. 51 en 171)
1991: Publicatie twee essays
“Is Boeli van Leeuwen een
Protestants schrijver met een katholiek oeuvre?” en
“De
politieke boodschap van Frank Martinus Arion’s “Dubbelspel”
“ in “Drie Curaçaose schrijvers in Veelvoud” onder redactie
van Maritza Coomans-Eustatia, Wim Rutgers en Henny Coomans
(De Walburg Pers in Zutphen, 1991, pag. 176-180 en pag.
499-503).
Mei 1992: Integrale publicatie van de eerder verschenen
bundel “Palmblad” in “Preludium” (9de jaargang, nrs. 3-4,
pag. 53-56).
1993: Publicatie van drie nieuwe gedichten (“Antilliaanse
jongeren”, “Nummer Een”, “Geschenk van dromen, ochtenddauw
en maanlicht”) in het Antilliaanse blad “Kristòf” (jaargang
VIII-3, pag. 32-34).
Oktober 1993: Publicatie van een essay over vijf
Nederlandstalige Antilliaanse auteurs in het literaire
tijdschrift “Kultuurleven” (60ste jaargang, nr. 7, pag.
90-94).
9 september 1994: “Een inleiding tot het werk van vijf
vooraanstaande Nederlandstalige Antilliaanse auteurs: Cola
Debrot, Jules de Palm, Boeli van Leeuwen, Tip Marugg en
Frank Martinus Arion (in “De horen en zijn echo”,
verzameling essays opgedragen aan dr. H. Coomans ter
gelegenheid van zijn afscheid op 9 september 1994.
Bloemendaal: Stichting Libri Antilliani 1994).
1994: Publicatie van vier nieuwe “aangespoelde” gedichten
(“Verrassing”, “Een boom aan het strand”,
“Avondmuziek”
en
“De gefrustreerde geliefde”) in “Kristòf”(jaargang IX-1,
pag. 44-47).
1995: “Een Taskforce voor de Paradijsvogels. De Taskforce
Antilliaanse jongeren in vogelvlucht” (in “Caraïbische
Cadens”, Liber amicorum opgedragen aan de Gevolmachtigde
Minister van de Nederlandse Antillen Edsel Jesurun.
Bloemendaal: Stichting Libri Antilliani, 1995, pag.
176-182).
1996: Publicatie van twee nieuwe gedichten (“De Berlijnse
Muur gevallen” en
“Gesprek aan het strand”) in “Prisma”
(12de jaargang,
nrs. 1 en 2, pag. 35).
December 1996: Publicatie “short story”
”De ogen van Peng-Peng” in
Kerstkrant van de “Amigoe” (Katern C, pagina 3).
13 Januari 1997: Publicatie vijfde gedichtenbundel
“Avondmuziek” (Arbeids Advies Dienst in Rotterdam en
Willemstad (Curaçao)). Gerecenseerd door Nel Casimiri onder
de kop “Met lege handen ging ik slapen, met een gedicht werd
ik wakker” in de “Amigoe/Ñapa”, 1.III.1997, pag.5. Voor het
titelgedicht, zie
Avondmuziek.
December 1997: Publicatie van de “short story”
“Curaçao
steekt de oceaan over” in de Kerstkrant van de “Amigoe”
(katern C).
Mei 1998: Publicatie van drie gedichten (“De laatste”, “De
non-conformist” en “Advies aan een adolecent” uit ) uit de
eerder gepubliceerde gedichtenbundel “Avondmuziek” in het
literaire tijdschrijft “Optima” (16de jrg. nr.1, pag.
70-71).
Zomer 1998: Publicatie van het gedicht
“Make-up” (in de
oorspronkelijke Papiamentstalige versie, zoals verschenen in
de bundel “Un boka di poesia”, plus een Engelse vertaling
van dit gedicht) in het Amerikaanse tijdschrift “Callaloo”
(21ste jaargang, nr.3, pag. 650).
April 1999: Publicatie van het essay “Checklist of decisions
to be taken into account for a dialogue structure with
minorities” in “Political and social participation of
immigrants through consultative bodies” (Council of Europe
Publishing in Strasbourg, pag. 91-96).
1999: Publicatie van de eerste twee gedichten (“Wensen voor
het laatste uur” en
“Afscheid van het verleden”) uit zijn
nieuwe gedichtencyclus “Afscheid”in “Kristòf” (jrg X-1, pag.
3-5).
1999: Publicatie van vier gedichten (“Afscheid van
bescheidenheid, “Afscheid van ongeduld”, “Afscheid van
zekerheid”, en “Afscheid van realiteit”) uit zijn nieuwe
gedichtencyclus “Afscheid” in “Kristòf” (jrg X-4, pag.
14-17).
December 1999: Publicatie van de “short story”
“De Blauwe
Engel” in de Kerstkrant van de “Amigoe” (B-katern, pag. 23).
27 Augustus 2000: Publicatie zesde gedichtenbundel “Poetry,
Poesia, Poëzie; 1971-2000” ter gelegenheid van de opening in
het Curaçaosch Museum van de expositie “Konekshon,
connection, verbinding; ilimitá den limtashon”van Wine
Fransen en Sjoukt Oosterhof die voornamelijk geïnspireerd
was op zijn gedichten. Gerecenseerd door Wim Rutgers onder
de kop “Walter Palm: dichterlijke kwaliteit als vertrekpunt”
in de “Amigoe/Ñapa” van 7.X. 2000, pag.3.
26 Oktober
2000: Zijn toneelstuk
“De Blauwe Engel”
gaat in première in Amsterdam en het toneelstuk wordt
genomineerd voor de “Hollandse Nieuwe”-toneelschrijversprijs
(Gepubliceerd in “Hollandse Nieuwe” 4de jaargang, pag.
249-261). In dit toneelstuk dat zich in Transsylvanië
afspeelt wordt de Dracula-legende op twee manieren
uitgewerkt. Een begraven liefde, maar ook doodgewaande
etnische conflicten, duiken als vampiers op uit hun graf.
Op 21 augustus 2001 is een fragment
van het verhaal
"De Blauwe Engel"
gepubliceerd in "Tropentaal, 200 jaar Antilliaanse
Vertelkunst " (Uitgeverij Contact; ISBN 90 254 96482).
| |
4 oktober 2001: De eerder gepubliceerde gedichten
“Serenade”
(uit de bundel “Genesis en Apocalypse”) ,
“Otrobanda” (uit
de bundel “Genesis en Apocalypse”), “Midnight blues” (uit de
bundel “Genesis
en Apocalypse”), “Voor de storm” (uit de
bundel “Palmblad”) en
“Avondmuziek” (uit de bundel
“Avondmuziek”) gepubliceerd in
“De Tweede Ronde” (22ste
jaargang nummer 3, pag. 69-73). |
|
 |
|
24 oktober 2002: Presentatie van de zevende gedichtenbundel
“Met
lege handen ging ik slapen met een gedicht werd ik wakker” (waarin opgenomen zijn de eerder verschenen
Nederlandstalige gedichtenbundels “Genesis en Apocalypse”,
“Palmblad”, “Avondmuziek” plus de nieuwe cyclus “Afscheid”
en niet eerder gepubliceerde gedichten) in het Cosmic
theater in Amsterdam. De presentatie werd geopend door John
Leerdam. Dr. Wim Rutgers verzorgde een lezing over het werk
van Walter Palm, en Izaline Calister en Chin Behilia hadden
een gastoptreden. Deze bundel werd zowel artistiek als
commercieel een succes. Gerecenseerd door Mario Molegraaf
onder de kop “Met een gedicht werd ik wakker” in de
“Provinciale Zeeuwse Courant”, 15.XI.2002, pag.24 en door
Pim Heuvel onder de kop “Dichters liegen de waarheid” in de
“Amigoe/Ñapa”, 14.VI.2003, pag.4. Mario Molegraaf vergelijkt
Walter Palm met de prominente Nederlandse dichter Vasalis,
die overigens een oudtante is van Wine Fransen.
December 2003: “Het Bijzondere karakter van Onze Muziek;
klassieke Antilliaanse muziek in de eerste helft van de
twintigste eeuw” gepubliceerd in een aparte bijlage van “De
Archiefvriend” (van de Stichting Vrienden van het nationaal
Archief van de Nederlandse Antillen) (jaargang 9, nr.4).
24 december 2003: “Antilliaans Dagblad” publiceert (op pag.
22 en 23) negen publieksfavorieten van de “Antilliaanse
Vasalis” nl.
“Nummer een”, “Contemporain Columbus”,
“Gesprek
aan het strand”,
“Afscheid van het verleden”,
“Afscheid van
het leven“, “Afscheid van afscheid”,
“Een orkaan van
stilte”, “In jouw stem”, “Mijn laatste wens” uit de bundel
“Met lege handen ging ik slapen, met een gedicht werd ik
wakker” plus een nieuw gedicht “Kerstmis 2003” .
14 december 2004:
Publicatie van het essay
“De Gouden Eeuw van Curaçao”
. In dit essay verdedigde hij zijn stelling dat de
twintigste eeuw een Gouden Eeuw was voor Curaçao, omdat een
periode van grote economische welvaart toen samenviel met
een opmerkelijke bloei op muzikaal en literair gebied.
Recensie van deze bundel is van de hand van Verele
Ghering-Engels verschenen in de “Amigoe” van 30 december
2004 onder de kop “Zin in meer…”
15 december 2004: Publicatie van het gedicht
“Gesprek aan
het strand” (op pagina 13) in de gelegenheidsuitgave “Met de
wil elkander bij te staan. Gedichtenbundel uitgebracht ter
gelegenheid van de viering van vijftig jaar Statuut voor het
Koninkrijk”.
31 mei 2005: Publicatie van het gedicht
“De passaat en de
Nederlandse eilanden overzee” in het proefschrift van Dennis
Rosheuvel getiteld “De toekomst van de Nederlandse Antillen
in staatsrechtelijke verhouding”.
6 juni 2005: Van het gedicht
“De passaat en de Nederlandse
eilanden overzee” geciteerd in de Staatscourant van 6 juni
2005 (stcrt 106) wordt de strofe “Blaast de passaat/maar de
Nederlandse eilanden overzee/blaast hij niet bij elkaar”
geciteerd dat treffend de relatie tussen Nederland en de
Antillen (en Aruba) weergeeft.
9 juni 2005: Het gedicht
“De passaat en de Nederlandse
eilanden overzee” geciteerd door het Tweede Kamerlid John
Leerdam in het Algemeen Overleg van 9 juni 2005 van de Vaste
Kamercommissie van Nederlands Antilliaanse en Arubaanse
Zaken.
Juli 2005: Publicatie van zes gedichten (“De vluchtige kus
van de zwarte vlinder”,
“Over kale vlakte van mijn hart”,
“De grillige Dood”,
“Overpeinzingen van een grijsaard”,
“Mijn uur is geslagen”,
“Rouwadvertentie”) in
“Kristòf” (jrg XIII-2, pag. 20-25). Deze zes gedichten
hebben de dood tot onderwerp.
Oktober 2005: Publicatie van
“Over kale vlakte van mijn hart” in “Antilliaanse Nieuwsbrief” (jrg. 46,
september/oktober 2005, nr. 5, pag. 22).
7 november 2005: Publicatie van de gedichten
“Bonaire” en
“Beschaving” op pag. 520 en 521 van “Spiegel van de moderne
Nederlandse en Vlaamse dichtkunst” (ISBN 90 5018 741 2;
uitgeverij Balans; samenstellers Hans Warren en Mario
Molegraaf).
11 mei 2006: Publicatie op zijn website als "e-book"
van zijn
Papiamentstalige novelle
"Atardi di kuaresma".
In deze novelle haalt de hoofdpersoon Fifi samen met zijn
zus Chichi op Goede Vrijdag herinneringen op uit zijn leven.
De hoofdpersoon raakt in deze novelle steeds verder
verstrikt in het verstikkende verleden, en heeft geen oog
meer voor de toekomst.
April 2007: Het gedicht
"Shon Arey en de zonnecollector"
gepubliceerd in "Anansi Masters Journal", nr. 2, april 2007,
pag. 2.
Het gedicht
“De kleur van het Koninkrijk” is
gepubliceerd in het “Antilliaans Dagblad” (pagina 2) van 21
juli 2007.
19 november 2007: Het
gelegenheidsgedicht
“Ateliers en beeldende kunstenaars”
gepubliceerd in “Artists from Curaçao” een fotoboek van
Sinaya Wolfert dat ateliers van Curaçaose kunstenaars tot
onderwerp heeft.
"Shon Arey en de zonnecollector"
opnieuw gepubliceerd in het OCaN-bulletin, negende jaargang,
nr. 1-januari 2008.
"Den Haag, de weduwe van Indië"
is eerder gepubliceerd in “Poezie op Pootjes” (januari
2008). Ook is dit gedicht gepubliceerd in “Antilliaanse
Nieuwsbrief” (jrg. 49, maart/april 2008, nr. 2, pag.15).
In januari 2008 is het
gedicht
"Onder de bomen aan de Waterkant"
gepubliceerd in de lustrumuitgave van Sociëteit de Waterkant
Op 26 mei 2008 is het
gedicht
"Curacao en ik" gepubliceerd in het boek "De
Antillen en ik" dat onder redactie van John Leerdam is
verschenen bij Uitgeverij Meulenhoff i.s.m. “de Volkskrant”
( ISBN 978 90 290 8158 0).
“De muziek van mijn betovergrootvader
Jan Gerard Palm (1831-1906)” is op 1 november
2008 gepubliceerd in “De Twentse Courant Tubantia” (pagina 8
van de bijlage “Spectrum”), op 1 november 2008 in het
programmaboekje van het pianorecital van Jan Gerard Palm, en
op 3 november 2008 in het “Antilliaans Dagblad” (pagina 10).
In het "Antilliaans Dagblad" van 21 januari 2009 is (op
pagina 6) het gedicht
"There are no walls"
gepubliceerd. Dit gedicht is geschreven ter gelegenheid van
de inauguratie van Barack Obama als president van de
Verenigde Staten. Later is dit gedicht ook opgenomen in
OCaN-info (9e jaargang, nr. 2)
27 oktober 2010: Drie gedichten van Walter Palm opgenomen in
de bloemlezing "Vaar naar de vuurtoren" (ISBN 978
90 6265 658 5)
die onder redactie
van Klaas de Groot is verschenen bij uitgeverij In de Knipscheer. Deze gedichten zijn:
"Bonaire",
"Curaçao en ik" en
"De passaat en de Nederlandse eilanden
overzee".
24 december 2010: negen gedichten uit “Sierlijke golven
krullen van plezier” gepubliceerd in “Antilliaans
Dagblad”plus een nieuw gedicht
“Klòknan di Pasku”. De
gedichten zijn: (1)
“De muziek van mijn betovergrootvader
Jan Gerard Palm (1831-1906)”; (2)
“De poëzie van
de Curaçaose schrijver Pierre Lauffer (1920-1981)”;
(3) “De
rotsen”; (4)
“Voorjaar op het Haagse Voorhout”;
(5) “Koning
Zon en de zonnecollector”; (6)
“De
raffinaderij fakkelt af”; (7)
“Spoken
van slaven”; (8)
“Over kale vlakte van mijn hart”;
(9) “De
vluchtige kus van de zwarte vlinder”.
◄begin |